Acht gouden voedingstips voor je hondje?

Een hond heeft regelmatig eten nodig: geef hem twee keer per dag te eten, altijd op hetzelfde tijdstip.

Elke hond heeft een andere hoeveelheid nodig. De porties op de verpakking geven je enkel een idee wat de gemiddelde hond eet. Bij een gezonde hond blijft het gewicht stabiel. Als je hond dus zwaarder of magerder wordt, geef je hem minder of meer te eten. Is zijn gewicht stabiel, dan verander je niets.

Een hond heeft rust nodig na het eten. Heftige bewegingen met een volle maag zijn ongezond. Geef je hond dus altijd te eten na een wandeling, nooit ervoor.

Maak het etensbakje elke dag schoon. Eet je hond niet alles op, verwijder restjes dan na ongeveer 20 minuten.

Als je geen volledig kuipje opmaakt, sluit het dan goed af (deksel) en zet het in de koelkast (maximaal 48 uur). Zo blijft het eten vers en smaakvol.

Geef je hond beter geen koud eten dat recht uit de koelkast komt. Haal het eten dus op voorhand uit de koelkast zodat het op kamertemperatuur komt.

Verandert je hond vaak of bruusk van voeding, dan raakt de vertering verstoord: de darmflora krijgt de tijd niet om zich aan te passen. Hou het dus bij één merk. Je kunt de diverse smaken van dit merk zonder risico afwisselen. Wil je overstappen op andere voeding, voeg dan over een week tijd steeds grotere hoeveelheden toe aan de gebruikelijke voeding.

Je hond moet altijd bij een kom vers water kunnen.



Wil je meer info? Dan kun je ons schrijven:

Mars Belgium
Consumentenservice
Postbus 102
1930 Zaventem
of bel GRATIS naar 0800/93113 (B) - 0800/3113 (L)